IMG_4338

Wanneer ik in de winter met teckel Koos wandel, lijkt hij af en toe te verdwijnen. Zijn vacht heeft dezelfde kleuren als de bladeren van de fluweeleiken die in de herfst op de grond zijn gedwarreld. Nu verdwijnt Koos niet zo snel. Hij kent de weg als geen ander. Hij wacht soms geduldig op mij in plaats van ik op hem.

Op deze wandeling had hij enorm lang staan treuzelen en was ik rustig verder gelopen. Hij rook allerlei interessants. Misschien de geur van schapen die net langs waren gekomen? De geur van de waakhonden die in de nacht door de velden dwalen? Ik weet het niet. Dan kan ik roepen wat ik wil, Koos doet zijn ding. Hij is en blijft een teckel.

Ik wacht en wacht en dan bekruipt me toch het gevoel dat er iets mis is. Zo’n onbestendig angstgevoel dat nergens over gaat. Dat verhaal van die teckel in de duinen bij Zandvoort of Bloemendaal zit nog altijd in mijn hoofd. Die was daar tijdens een wandeling verdwenen en maanden later vonden de eigenaren hem. Hij liep vrolijk te struinen en zag er uitstekend uit. Toen ze hem wilde oppakken rende hij gauw weer weg. Ik weet trouwens niet of die teckel ooit weer thuis is gekomen.

Dat gevoel van bang zijn dat er iets gebeurt, is een raar dingetje. Herken je dat? Het beheerst de mensheid. In het groot en in het klein. Dat kan de eerste gedachte zijn als je wakker wordt en dan beheerst het onbewust je dag. Het zit gecamoufleerd achter iedere handeling of gedachte. Je ziet het niet en het is er wel. Ik ken niemand die dat gevoel niet kent. Alle grote leiders, kleine baasjes en de zogenaamde “gewone” man handelen allemaal uit angst. De een is bang om te verliezen wat hij heeft, de ander om niet te krijgen wat hij wil hebben. De een is bang om niet aardig gevonden te worden, de ander voor afwijzing.

Inmiddels – na jaren oefening – ben ik me bijna instant bewust van dat wat sluimert achter een gedachte. Dat is prettig. Het geeft mij de keuze erin mee te gaan of het te laten voor wat het is. Het maakt mijn leven zorgelozer en lichter.

Nu merkte ik meteen die opstijgende zorg over iets dat helemaal niet aan de hand is. Dan kan ik wel tegen mezelf zeggen: ah, dat doet Koos niet en zeker weten doe ik het niet. Is er ook maar één ding in het leven dat ik zeker weet? Nee. Niets. Er bestaat geen controle. Dat is schijn. We maken het onszelf wijs ter geruststelling. Alles verschijnt toch zoals het verschijnt. Terwijl ik met mezelf sta te praten, hoor ik hem. Nee, ik hoor niet hem, ik hoor de blaadjes ritselen. Ineens zie ik Koos. Hij loopt op een drafje. Heeft zeker een kwaad geweten.