Hartstocht

De wijze uil steen gemaakt door Ria Sprenger

Taal fascineert me al sinds ik kan praten. Niet alleen de Nederlandse taal. Ook de talen die gesproken worden in de landen waar ik als kind woonde en de talen die ik later bestudeerde. Die fascinatie heeft mij bijna als vanzelf vertaler gemaakt en opschrijver. Een saillant detail is dat ik als jong meisje niet zo goed kon praten. Ik stotterde nogal. Alleen in de Nederlandse taal. Alle andere talen rolden er zo uit. Volgens mijn moeder had ik altijd haast. Ik wilde altijd haantje de voorste zijn en struikelde daardoor over mijn woorden. Mijn vader vond gewoon dat ik niet goed kon praten en beter mijn best moest doen. Gelukkig voor mij, woonden we tot aan mijn elfde levensjaar in buitenlanden waar ik alle andere talen kon spreken. Nederlands gebruikte ik alleen thuis. 

Eenmaal gevestigd in Nederland werd het wat lastig om het stotteren te camoufleren. Ik moest wel wat zeggen. Ik deed alsof ik er niet mee zat en sprak wanneer ik iets te vertellen had. Pas in mijn eindexamen jaar was er een leraar die mij adviseerde om toneellessen te gaan nemen. Daar leer je bewust spreken. Hij was bezorgd dat ik over mijn mondelinge eindexamen zou struikelen. Ik heb zijn raad opgevolgd en binnen een paar maanden was ik van mijn gestotter af en rolde ik vloeiend door het examen. 

Later sprak ik iemand die verstand had van spraakgebreken. Ik vroeg die persoon hoe het kan dat ik alleen in mijn moerstaal stotterde en in geen enkel andere taal. Ze legde me uit dat het Nederlands voor mij verbonden is met mijn gevoelens en dat ik duidelijk moeite had om die onder woorden te brengen. Toen begreep ik waarom ik op mijn twaalfde begonnen ben met verhalen te schrijven. De woorden vloeien zonder aarzelen uit mijn pen. Ik schreef en schrijf tot op de dag van vandaag van alles op. Ik noteer wat ik waarneem en voel. Wanneer het niet vloeit weet ik dat er een gewicht aan hangt. Dat gewicht weeg ik net zolang tot het vloeibaar wordt en op papier verschijnt. Niet door te redeneren in mijn hoofd. Dat heeft nog nooit een probleem opgelost. Nee, ik laat het als een presse-papier liggen op mijn bureau. Ik kijk ernaar, ik zie het, ik weeg het. Als de tijd rijp is, dan ga ik schrijven. Bij het teruglezen van die nieuwe woorden, begrijp ik waarom die woorden gewicht hadden en nu niet meer.

Ik schrijf op om het leven te begrijpen en mezelf. Dat opschrijven brengt mij tot inzicht en zelfkennis. Schrijven is mijn hartstocht. Dat durf ik nu wel te zeggen. Het maakt dat ik me levend voel en in contact kan zijn met de aarde, met het zichtbare en onzichtbare. Een woord is zichtbaar op papier, zijn frequentie is onzichtbaar en ik weet dat ieder woord resoneert met alle andere trillingen om mij heen. En eenmaal gezegd, blijft het voor altijd hangen. In alle hoofden die het horen of lezen en in het universum. Daarom vind ik het beter alleen iets te zeggen of te schrijven als het weerklank kan vinden met het goede in de mens. 

Op de foto zie je een presse-papier, gekregen van vriendin Ria Sprenger toen ik naar Portugal vertrok. Die wijze uil steen ligt op het laatste pakket brieven (1948-1960) uit het archief van mijn familie. Het is het laatste deel om uit te werken. Ik ben aardig op weg gezien de startdatum 1887. Kind van de koloniën groeit langzaam en dat komt door het hartstochtelijk wegen van al die geschreven woorden. 

6 thoughts on “Hartstocht”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.