Mijn zin om een stukje te schrijven is aan het krimpen. Ik weet eigenlijk niet waarom, hoewel ik een vermoeden heb. Schrijven doe ik dagelijks, zo’n drie of vier uur aan mijn boek en dat doe ik met plezier en toewijding. De rest van de dag ben ik buiten in de natuur of zit ik met mijn neus in een boek. Maar een blog? Waarover dan? In normale tijden schreef ik over wat ik zag, constateerde en meemaakte; over de mensen om me heen; over verdieping, mijn lessen in meditatie en yoga. Eigenlijk over alles dat me bezighoudt dus. Sinds een jaar is mijn leven 180º gedraaid. Op 8 maart 2020 gaf ik de laatste lessen in mijn studio die ik aanhield tot 1 juli. Er kwam geen echte verandering dus zei ik de studio op. Ik gaf nog wel een paar lessen op het terras in de schaduw aan de rand van het zwembad, maar de mensen waren bang. Bang voor iets dat in de lucht zweeft. Voor een virus dat rondwaart. Ik ben toen uren gaan maken met het afmaken van mijn boek over de familiegeschiedenis. Al schrijvend is het boek veranderd. Door input van Karin Ramaker en Coen Verharen. Ik heb nu wel de vorm gevonden, dus herschrijf ik waar nodig en schrijf het deel van na de oorlog. WO II bedoel ik. Ik vergeet dat soms te zeggen en dat moet eigenlijk wel omdat er sinds WOII nog nooit zo veel oorlogen hebben gewoed in de wereld met meer slachtoffers tot gevolg dan de hele WOII inclusief de Shoah en het gelazer in Rusland met Stalin. Maar omdat wij in het rijke westen niet rechtstreeks betrokken zijn bij die conflicten van na de oorlog leven wij gegoede burgers ons leven alsof er niets aan de hand is en dompelen onszelf onder in de bubbels van de welvaart. 

Het Kind van de koloniën schrijven is geen sinecure, want de feiten moeten wel kloppen. Drie generaties beschrijven betekent ook de wereldgeschiedenis weergeven, want niets gebeurt voor  niets. Geen mens neemt een beslissing zonder context of komt ergens terecht zonder externe gebeurtenissen. De context kennen van de tijd is essentie om te begrijpen. Wanneer het hele plaatje is ingekleurd, kan ik niet anders dan begrip hebben voor de ander die naar beste weten heeft gehandeld in zijn of haar leven. Want als je niet méér weet, kun je het niet anders doen. En dat vind ik in deze tijden waarin gesproken wordt dat we in oorlog zijn met een virus dat we moeten verslaan, een groot probleem. Alleen die uitdrukking al! Oorlog met een virus. Hoe dan? 

Ik wil mijn hele leven eigenlijk al de achtergrond weten van wat ik waarneem. En ik moet zeggen dat het me veel inzichten heeft gebracht. In mezelf. Al op de middelbare school kreeg ik vaak het verwijt dat ik te serieus keek of sprak of niet genoeg sprak of te veel vragen stelde. Grote mensen, volwassenen reageerden vooral zo. Ik neem zelden iets aan voor zoete koek en doe er steeds vaker het zwijgen toe. Om een mening te vormen kan ik niet anders dan eerst nadenken en afwegen. En stel dat ik die mening heb gevormd dan vind ik het niet nodig die op straat te leggen. Waarom? Omdat mensen niet luisteren. Ze hebben hun antwoord al klaar voordat ik ben uitgesproken. Zonder onderzoek, achtergrondinformatie, zonder enige context, pats, boem! De waarheid wordt me in de schoot geworpen. Gelukkig hebben we de socials want daar kan iedereen zijn eigen zegje doen. We zijn nu zover dat het opperen van een andere opinie dan de gangbare, die meestal zonder onderzoek voor waar wordt aangenomen, een gevaar is. Het is niet zo dat Pietje iets zegt en Jantje ook en dat ze naar elkaar luisteren, het laten inzinken, de tijd nemen, zelf gaan zoeken, toetsen en misschien wel pas na een half jaar kunnen zeggen, ja daar zit wat in. Die blijven vrienden voor het leven. Al het andere vind ik gehak ter meerdere glorie van? Zeg het maar. 

Een blog schrijven. Waarover?  Voor wie? Als ik iets zeg over de virale oorlog dan blijft het stil aan de andere kant of lezers doen een poging me te redden van mijn ondergang. Dat onderwerp is dus een no go. Het weer dan? Vandaag regent het hier. Een beetje. Het is grijs. Een plant op de veranda bloeit met gele bloemen alsof het de zon zelf is en de natuur is groen en blauwgroen. De kachel brandt. Ik schrijf aan mijn boek verder als dit verhaaltje klaar is en vanmiddag ga ik naar de stad. Kijken of er plantjes zijn voor de moestuin en Parmezaanse kaas, want die kan ik hier niet krijgen. En wie weet even langs de Portugese Mediamarkt, voor nieuwe oordopjes. Alles met een vers mondmasker. Sinds een jaar de normaalste zaak van de wereld in Portugal. Daar druppel ik een etherische olie in. Soms lavendel, soms eentje die speciaal is samengesteld om blij te zijn met je maskertje. Een aanrader. 

Maar nu eerst het Kind van de Koloniën. Ik ben bij de politionele acties aangekomen. Zonder context ben je pro of contra. In beide gevallen een menselijk drama van formaat. Met context, als je je verdiept, hoef je dat allebei niet te zijn. Dan weet je weer haarscherp dat geld en macht de drijfveren zijn voor alle oorlogen. Het gaat nooit, maar dan ook nooit over de veiligheid van en het beste voor de burgers. Dus wat te denken van de drijfveren achter de oorlog tegen het virus? Wel, ik denk er het mijne van. 

Weet jij trouwens al wat je vanavond eet? Ik wel. Mijn moestuin en die van het oude omaatje op de zaterdagmarkt zijn bepalend. De natuur met zijn seizoenen is in deze de context. In de welvaartsbubbel is die er bijna niet. Je kiest op basis van lekker of niet lekker en gezond of niet gezond. Maar is het waar dat iets gezond of ongezond kan zijn?