Liesbeth Steur

schrijver

Tag: #PHOT (Page 1 of 24)

Religions Kill

Religions Kill by CoenSt

Vandaag startte de laatste week van het jaar waarin ik yogales geef. In deze laatste week geef ik iedere leerling een cadeau. Toen ik vanochtend de cadeautjes uitdeelde wenste ik hun gezellige feestdagen en heel veel transformaties in 2019. Want over dat laatste gaat het cadeau. Een Spaanse deelnemer zei: “Ja, jullie in Holland zijn niet gelovig zoals hier, jullie vieren daar geen Kerstmis toch? Dit cadeautje is dus voor het nieuwe jaar?” Ik keek haar aan en glimlachte.

Eenmaal thuis realiseerde ik me dat ik niet weet hoe gelovig Nederland is. Ik weet wel dat Kerstmis een van de grootste door de commercie gekaapte feesten is in het land. Zoals in een groot deel van de wereld. Het lijkt erop dat het Kerstmis anno nu niets te maken heeft met godsdienst. Of zouden al die uitbundige kerstvierders devoot zingen bij de eerste, tweede, derde en vierde adventskaarsen? Of naar een kerk gaan om hun godsdienst te belijden? Of de bijbelverhalen vertellen? En dan op de dag zelf de geboorte van het kindje Jezus in gedachte hebben? Ik krijg niet echt de indruk. Het gaat over luxe, veel eten, glitter en klatergoud. En over vreedzaam samenzijn met familie en vrienden. Dus het antwoord zou zijn: nee we zijn niet echt gelovig en ja we eten met elkaar en doen aan heel veel cadeaus.

Het valt me ieder jaar weer op dat Kerstmis in Spanje niet echt een groot ding is. Daarentegen wordt 6 januari, de dag waarop de drie koningen bij baby Jezus op bezoek kwamen, uitbundig gevierd met optochten waarin de drie een hoofdrol spelen, met je raadt het al, veel cadeaus en eten.

In Portugal heeft Kerstmis een iets grotere rol. Ook hier liggen de winkels in de stad vanaf 1 december vol met snoepgoed, chocola, noten, gedroogd fruit en paté. Veelal producten die het hele jaar door minder prominent of helemaal niet aanwezig zijn. En natuurlijk schappen vol met cadeaus. De mensen genieten van deze maand. Het maakt ze blij. Want feest betekent ook hier eten en samenzijn met familie en vrienden. Vanaf 1 december worden de goede wensen al uitgesproken. Tot na 6 januari.

Maar of ze hier op het Iberisch schiereiland nou wél gelovig zijn? Nou nee, durf ik te zeggen. De bijbelverhalen zitten wel goed in de volksaard gebeiteld. Het zijn pure tradities die niets met de kerkgang te maken hebben. God wordt in het taalgebruik wel overal bijgehaald en Pasen lijkt me in beide landen het grootste “religieuze” feest. Naar de kerk gaan ze met zijn allen als er een doop is of een huwelijk of begrafenis. En dan wel weer eten met elkaar.

De christelijke tradities zijn volkstradities geworden. Net als religieuze tradities in andere landen volkstradities zijn geworden. En werkelijk in alle landen vieren ze het op dezelfde manier. Met eten en drinken en familie en vrienden. Zonder uitzondering. Dus waarom slaan mensen dan elkaars hersenen in over een godsdienst?

CoenSt maakte ooit dit kunstwerk met de titel Religions Kill. En het is waar. Al eeuwen lang. Maar alleen door toedoen van mensen die hun wil willen opleggen aan de ander en niet van lekker eten houden. Want zolang je eet, heb je geen tijd om te doden.

Deze foto is gemaakt in het kader van de #PHOT Photo on Tuesday, een initiatief van Karin Ramaker. De PHOT is een vrije foto-opdracht: een zelfgemaakte foto, zonder thema, met of zonder begeleidende tekst, maar wel mét een titel.

What’s in a name

 

De Indianen van Noord-Amerika gaven hun kinderen nooit een naam bij de geboorte. Pas na een tijdje. Soms duurde het zelfs een paar jaar voordat een kind de naam kreeg die bij hem paste, die het talent of de talenten van het kind uitdrukte. Wij verzinnen namen nog voordat een kind geboren is, zonder ons af te vragen of het wel de juiste is. Misschien hoeven we ons dat ook niet af te vragen. Wie weet werkt het bij ons wel zo dat de naam die de ouders kiezen voor het kind invloed heeft op de ontwikkeling van het kind. Laatst heb ik met een groepje mensen de betekenis van hun namen opgezocht. Ze waren verbaasd. Sommigen herkenden zichzelf erin en anderen dachten, oh, sluimert dat nog in me.

Onze hond Che kreeg zijn naam van ons. Hij was circa zes maanden, zat in het asiel, was uitgemergeld op straat gevonden en moest een nieuwe baas. Coen was meteen verliefd op deze hond met zijn heldhaftige voorkomen. Zijn geboortedatum was onbekend maar toen de dierenarts hoorde dat zijn naam Che zou zijn, prikte hij de datum 25 april als geboortedag. De dag van de Anjerrevolutie in Portugal. Zo’n datum past wel bij een revolutionair.

Onze Che bleek net zo’n potje onrust als Guevara. Een hond met charisma en trek in avontuur. Guevara zelf vond nooit rust. Na al zijn goede werk wilde hij de verdere wereld in om de revolutie te verspreiden. Eerst zonder succes in Congo Kinshasa, Afrika en later in Bolivia. Zijn ontembare gedrevenheid om een betere wereld te scheppen voor iedereen, werd zijn ondergang mede dankzij de CIA. Het verdere verhaal is bekend.

Che’s onrust werd wel eens aangezien voor speelsheid, maar dat was het niet. Che hield alles in de gaten en vooral Coen. Op den duur was ons terrein hem niet groot genoeg en ging hij naar ander landjes. Steeds verder. Naar zijn Bolivia. Op de wandelingen wist hij soms beter de weg dan wij. Eigenlijk was Che niet te temmen.

Het ging allemaal goed. Ruimte genoeg hier voor een hond wiens ‘idealisme’ met zijn leeftijd bleef groeien. Hij bleef langer weg en kwam soms opgewonden terug en vertrok dan weer. Ook vond hij het sinds kort een groot spel om een schapenkudde uit elkaar te jagen. Coen vermoedde dat Che’s idealisme gelijk stond met een levensbedreigend instinct en ging hem op een dag zoeken. Hij vond hem terwijl hij een schaap doodbeet. Dat werd Che’s ondergang. Sommige honden ontwikkelen dat instinct, zelfs honden die van huis uit schapenhoeders zijn.

Wij weten niet wat Che heeft meegemaakt in zijn eerste zes levensmaanden in het wild leven en op straat. Hij was in ieder geval een overlever. Maar niemand kon vermoeden dat hij dit instinct zou ontwikkelen. De herder miste de afgelopen twee weken al vier schapen. Er bleef ons geen keuze. Of toch … inslapen of voor altijd aan de ketting. Coen heeft de moedige beslissing genomen Che te laten inslapen. Want een Che gevangen zetten na een jaar vol van vrijheid zou egoïstisch zijn. Che is anderhalf jaar oud geworden en heeft een prominent graf midden op ons terrein, zoals een groot revolutionair betaamt. Aan zijn ‘grafsteen’ wordt gewerkt door CoenSt.

Natuurlijk nemen we nooit meer een hond … zeggen we nu. En als we dat wel doen … stel … dan geven we die hond een doodgewone naam zoals Koos. Een naam die de Hollands kalmte oproept, ja misschien wel iets calvinistisch in zich draagt … een naam zonder drama.

Deze foto (dit keer een filmpje) is gemaakt in het kader van de #PHOT Photo on Tuesday, een initiatief van Karin Ramaker. De PHOT is een vrije foto-opdracht: een zelfgemaakte foto, zonder thema, met of zonder begeleidende tekst, maar wel mét een titel.

Haagse Bosweer

 

Als je het Haagse Bos kent en je weet dat het Herfst is, weet je waarschijnlijk precies wat ik bedoel.

De bomen zwiepen in de wind, de regen striemt tegen je gezicht, paden als modderpoelen en de honden worden nat en zwart van de regen en de plassen. De grijze wolken wisselen elkaar in nuances af. De ene iets donkerder grijs dan de andere. Mijn Indische moeder hield zich stand in zulke dagen door de lucht te bestuderen en zich te verwonderen over de vele tinten grijs. Dat was voor verschijning van dat ene boek. Dat grijs zoveel tinten heeft, dat verbaasde haar vele malen.

Waar je bij droog weer veel mensen met honden tegenkomt in het Haagse Bos, zie je nu niemand. Ik vraag me af hoe die hondenbezitters dat dan doen? Hoeven die honden dan ineens niet uit? Of hebben ze een achtertuintje?

Vandaag is het  Haagse Bosweer hier. Regen, wind, voortrazende wolken aan de hemel en honden die willen wandelen. Met zijn vieren welteverstaan. Teckel Koos blijft liever thuis als ik niet meega. En als hij wel met Coen meegaat dan treuzelt hij op professionele wijze. Grote Che heeft geen voorkeuren. Hij gedraagt zich altijd als een wildebras die de weg kent.

Ik ben niet bang voor de regen en de wind. Eerlijk gezegd vind ik het heerlijk: zulk Haagse Bosweer. En dat kan ik heerlijk vinden omdat ik weet dat het van korte duur is. Geen modderpoelen hier, wel gladde rotsen. Een dagelijkse uitdaging en een pracht training voor mijn evenwicht en voor mijn concentratie. Want iedere stap is er één. Wanneer ik niet goed uitkijk en met mijn hoofd in de wolken loop dan is een misstap zo gemaakt. Grote rotsen, losse stenen, overgroeide paden, stijgen en dalen. Ik heb helemaal geen tijd om over andere dingen na te denken. Dus drie kwartier lopen betekent hier drie kwartier mediteren. Daarna kan ik met een frisse neus, roze wangen en een nieuwe blik verder schrijven aan mijn boek. Zo is wandelen bedoeld.

Tegeltjeswijsheid 😉
Wanneer een wandeling niet verkwikt (mooi Nederlands woord hè) dan heb je niet aandachtig gelopen.

Hoewel Coen en ik vaak hetzelfde traject lopen, zie ik steeds iets nieuws. Vandaag was dat een eenzaam lammetje in de wei, die paniekerig aan het blaten was. Oh jee, dacht ik. Waar is de moeder? Wie laat nu zijn kind achter? In de verte komt ze aangehobbeld met nog wat andere lammetjes achter zich aan.

Alsof het helemaal geen winter aan het worden is, huppelen de nazaten rond, drinken bij de moeder en groeien op tot aan hun gewisse dood. Maar eerst geven ze wol en melk en in het dorp wordt daarvan heerlijke schapenkaas gemaakt, die ik dan weer opeet. Als jij je nu afvraagt of ik dat lam ook opeet, beken ik dat ik dat wel eens doe. Heerlijk. Net zo lekker als geitenvlees dat ik dan weer gebruik voor de saté kambing! Daar kun je me ’s nachts voor wakker maken.

Deze foto is gemaakt in het kader van de #PHOT Photo on Tuesday, een initiatief van Karin Ramaker. De PHOT is een vrije foto-opdracht: een zelfgemaakte foto, zonder thema, met of zonder begeleidende tekst, maar wel mét een titel.

Alles kalmpjes aan

Bladzijde 2 van een brief die mijn oma aan mijn moeder schreef in 1942

De afgelopen maanden en weken voelen als een ontdekkingsreis. Nee, niet de grote wereld in, meer de wereld uit. Een reis naar mijn binnenwereld. Je weet dat ik aan het schrijven ben aan een biografie over het leven van mijn ouders. Je weet ook dat ik een heel archief heb met meer dan honderd brieven over een periode van 1937 tot 1960. Mijn moeder heeft sinds die tijd die koffer achter zich aangesleept en op een stukje papier had ze gekrabbeld:

Het zal toch niet voor niets zijn dat die koffer de halve wereld heeft gezien en een oorlog overleefd. Daar moet toch iets mee gebeuren!

Vijftien jaar geleden was ik al begonnen met mijn vaders verhaal op papier te zetten. Ik had toen nog geen benul van deze koffer. Als ik in die tijd mijn moeder vragen stelde, was haar antwoord steevast: “Ik vertel je wel, maar je hoeft voorlopig over mij helemaal niets te schrijven. Je wacht maar tot ik dood ben!” Aangezien ik een boek over beiden wilde, heb ik mijn pen toen neergelegd. Ben wel vragen blijven stellen en dacht het hele verhaal te kennen. Tot ik de brieven in handen kreeg.

Dit project – het familieboek – blijkt niet zomaar een van mijn projecten te zijn. Dit is van een andere orde. Het is persoonlijk. De brieven van mijn ouders raken me zo diep dat ik regelmatig iets heel anders ga doen. Dat hele archief staat rond en op mijn bureau dus ik kan er niet omheen. Ik moet verder. Al doe ik soms of ik het niet zie staan.

Vandaag begreep ik waarom het me zo raakt. Ik ben bij het jaar 1942 aangeland. Ja, ik werk chronologisch omdat het mij een beter begrip geeft van het leven toen en de omstandigheden. Net voordat de oorlog in Nederlands-Indië uitbreekt. Vanochtend las ik een brief die mijn oma – de moeder van mijn moeder – schreef aan mijn moeder die op een het eiland Sumatra ging trouwen. Dat kon niet op Java (waar mijn moeder woonde) gebeuren omdat mijn vader al onder de wapenen was geroepen en omdat de Japanners met twee voeten op Noord-Sumatra stonden.

Mijn oma schrijft dit op 1 februari 1942:

Je brief was erg haastig, nerveus en onduidelijk. Kind, laat je niet zenuwachtig maken. Alles kalmpjes aan. Laat je ook door een eventueel bombardement niet van streek brengen, dat staat ons allemaal te wachten. Zorg voor dekking en houdt je in alle opzichten gedekt. Denk om watjes en kauwgom, desnoods een stuk gomelastiek. Alleen als het reizen moeilijk wordt, vertrek je direct.

Het beklemde me. Ik voelde die angst opstijgen als een fontein toen ik dit las. Die angst voor oorlog! Die heb ik al sinds ik kan praten. Ik voelde toen al haarfijn aan dat mijn moeder angst had – vraag me niet hoe – en als ik ernaar vroeg, wuifde ze het altijd weg. En bij mij is het net als bij haar altijd sluimerend aanwezig gebleven. Bij het lezen loopt een rilling over mijn rug.

Aan het einde van de brief in een P.S. schrijft mijn oma die ook geen idee heeft wat de tijd gaat brengen en tja … het leven gaat gewoon door:

Koop je bootticket aan station Tandjoeng Karang. Na huwelijk een kleine foto van jullie tezamen maken. Niet vergeten!

Deze foto is gemaakt in het kader van de #PHOT Photo on Tuesday, een initiatief van Karin Ramaker. De PHOT is een vrije foto-opdracht: een zelfgemaakte foto, zonder thema, met of zonder begeleidende tekst, maar wel mét een titel.

Page 1 of 24

Powered by WordPress & Theme by Anders Norén

%d bloggers like this: