Liesbeth Steur

verteller van waargebeurde verhalen

Category: 1000 woorden (Page 1 of 4)

Viver Marvão

21077599_1960187484195477_2232738085484927747_n

Viver Marvão op werkbezoek bij de Lar (het verzorgingstehuis) van het Casa de Povo (buurthuis) van Santo António das Areias. Marvão, hoog op de berg, waakt over ons.

(uma tradução em português seguirá)

De hemel is licht bewolkt boven Den Haag op deze winterse dag in 1993. Ik sta op de elfde etage van het gebouw van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en overzie de Haagse binnenstad. Ver beneden mij zijn de bedrijven open, haasten mensen zich en rijden trams over de wirwar van rails. Den Haag beweegt. Ik sta me af te vragen hoe ik hier twee weken geleden terecht ben gekomen. Hoe ik ja heb kunnen zeggen als ondernemer. Maar goed. Werk is werk. Ik heb een maand in te vullen tussen twee klussen. Het uitzendbureau bood me werk aan bij dit ministerie en wel bij de Directie Politie. Om je eerlijk de waarheid te zeggen, ik was ook nieuwsgierig naar hoe het is om ambtenaar te zijn. En drie weken … hoe erg kan het zijn.

Heel erg!

Ik vervang een secretaresse die ziek is en word ingewerkt door een jong meisje. Zij doet niets de hele dag, behalve nagels vijlen, koffie drinken en af en toe naar de printer lopen. Na een paar dagen vraag ik haar wat ik hier eigenlijk doe. Ze zegt dat ik de directiesecretaresse vervang. Ja? Ik vraag haar of zij dat niet kan doen met het weinige werk dat hier is. Nee, legt ze uit, ik heb mijn eigen taken en iedere plaats moet ingevuld zijn.

Terwijl ik koffie drink op de gang en naar buiten staar komt er een man naast me staan die kennis wil maken.
“Nieuw hier?”
“Uitzendkracht bij Directie Politie.”
“Ja, dat had ik al gehoord. Ik ben Thom de Graaf.”
“En ik Liesbeth Steur.”
Ik kijk hem aan. Het is een jonge man met een bos krullen en blauwe ogen.
“Wat is je job hier?”
“Ik ben topambtenaar maar niet voor lang meer.” Hij glundert.
“Oh, ga je weg?”
“Ja als het aan mij ligt wel, maar ik ben afhankelijk van de kiezers.”
“Kiezers? Wat bedoel je?”
Hij kijkt me verbaasd aan. “Herken je mij dan niet? Van de posters?”
“Nee.”
“Oh … ik ben van D66 en doe mee aan de Tweede Kamerverkiezingen in maart volgend jaar.”
“Gefeliciteerd.” Ik bestudeer zijn gezicht en zeg: “Jij gaat dus uitvoeren wat het volk graag wil? Jij gaat de politicus zijn die het volk en de kleine ondernemers koestert? Tenslotte zijn zij het die het geld verdienen voor de BV Nederland.”
Ik wijs op de stad onder ons terwijl ik doorpraat.
Thom kijkt me oprecht verbaasd aan.
“Ach, ondernemers, het volk; daar is de politiek niet voor. Wij maken beleid! Ik ben geen domme idealist. Nee, ik zie de politiek als doel om tot de inner circle te komen. Voor de mooie banen.” Hij lacht hartelijk om mijn naïviteit.

Sindsdien heb ik een broertje dood aan politiek en 100% wantrouwen.

Hier in Portugal bestaat ook een democratie met verkiezingen. Openlijk meer corrupt, dat wel en het toneelspel vind ik beter. Waarschijnlijk omdat ik 25% niet begrijp. Als buitenlander mag ik mijn stem uitbrengen voor de gemeenteraad van Marvão en die verkiezingen zijn 1 oktober. De gemeente waar ik woon is voor mij overzichtelijk met zo’n 3.000 inwoners en een stem kan – lijkt me – merkbaar invloed hebben.

Blijkbaar zit er onder dat “broertje dood” nog wat idealisme want ineens regel ik het papierwerk om een stemnummer te krijgen.

Nog geen twee weken later word ik tot mijn schrik benaderd. Door José-Manuel Pires, oprichter van een gloednieuwe politieke beweging met de naam Viver Marvão, met de vraag of ik mij wil aansluiten en verkiesbaar wil stellen voor de gemeenteraad. Als buitenlander. Ik slaap een nacht, praat met Coen en zeg ja. Waarom?

Omdat ik hier kleine ondernemer ben, een bijdrage wil zijn voor de gemeenschap en – niet onbelangrijk – een mening heb over de opvolger van de huidige burgemeester. Hij mag er niet komen.

José-Manuel is van bekende huize, ik ken hem en zijn familie al langer en vind hem uitermate aardig en capabel. Het programma is zoals alle politieke programma’s. Mooie plannen. José-Manuel heeft een schare mensen om zich heen verzameld van allerlei pluimage, links, rechts, midden en neutraal. Jong en oud, ondernemers en harde werkers, waaronder veel vrouwen. Die mix spreekt me aan.

Als ik A zeg, zeg ik ook B. Dat betekent dat ik af en toe mag opdraven als de ploeg wordt uitgenodigd om kennis te maken met besturen van instellingen.

Ik sta na de presentatie en rondleiding op het dakterras van het lokale hypermoderne verzorgingstehuis. In de straat rijdt een auto voorbij en slenteren en babbelen mensen in de avondwarmte.

De idealist in mij denkt dat WE gaan winnen.

Deze foto is gemaakt in het kader van de #PHOT Photo On Tuesday, een blogexperiment van Karin Ramaker.

Weten

Moeder en kind. Pablo Picasso

Vindt een kind zijn moeder per definitie de liefste van de hele wereld? Is het kind iets aan haar verplicht omdat zij de moeder is en andersom? Of heeft het kind rechten ten opzichte van zijn moeder en vice versa? En, hoeveel houd een kind van zijn moeder en de moeder van haar kind? Hoe valt dat uit te drukken. Dat de moeder-kind relatie onverbrekelijk is, lijkt me duidelijk. Maar gaat dat over ´ houden van´? Het ´houden van´ dat onder de noemer emotie zo populair is. Of gaat het over iets heel anders?

Het eerste wonder

Met of zonder kinderwens raken vrouwen zwanger. Zomaar of gepland. In de rijke wereld wordt een zwangerschap behandeld als een wonder. Alles draait om de baby die in de buik groeit. Alles. Niets in het gedrag van de aanstaande moeder heeft nog iets te maken met wie ze was vóór haar aanstaande moederschap. En in feite is er helemaal niets aan de hand. Je bent gewoon zwanger en het leven gaat verder met al zijn perikelen. Dan wordt een kind geboren. En weer gaat het leven verder. Vraag het aan een arme moeder uit Afrika. Zwanger zijn en bevallen is voor natuurvolkeren als het hebben van bijvoorbeeld een verstuikte enkel voor ons. Je bent lichtelijk gehandicapt door die dikke buik en verder gaat het vanzelf over. Je hebt dan wel een kind in de wieg. Dat wel. En hoe bijzonder is dat? Hoeveel kinderen worden er wereldwijd geboren per jaar? Zo´n slordige 136 miljoen. Veel hé!

En nu zit jij ook met je gewenste of niet gewenste kind. Het wonder is niet: jij en je partner die samen een kind hebben gemaakt – kijk mij nou bijzonder moeder zijn. Nee, dat kind is het wonder van de natuur. Dat is om eerbied voor te hebben. Heel veel eerbied voor een onovertroffen staaltje niet te evenaren biologie. Het ´hebben´ van een kind maakt jou niet bijzonder. Er zijn zoals gezegd 136 miljoen andere vrouwen op de wereld die het ook ´hebben´. Het verheft je niet boven een vrouw zonder kinderen en je kunt er ook geen status aan ontlenen. Wat wel bijzonder is – misschien wel verwonderlijk – is jouw rationele onbekendheid met het fenomeen kind. Je kunt voor alles studeren of leren en niet voor moeder. Moederschap is geen wetenschap. Toch is je schoot ineens gevuld met verantwoordelijkheden waar je geen weet van had dat ze bestonden. Wat nu? Je eigen moeder als rolmodel nemen? Vaak is dat geen optie want je wilt je kind niet opvoeden zoals jij bent opgevoed. Je gaat het zelf uitzoeken. Stap voor stap en als je geluk hebt of als je echt slim bent, heeft je machtige, prachtige, krachtige denken niet de overhand en kun je handelen naar je intuïtie. Dat is volgens mij moederschap. In de jaren die volgen ontwikkelt het kind zich in gelijke tred met jouw moeder-intuïtie. Jouw observeren en handelen wordt gestuurd vanuit een diepere laag. Vanuit een weten, het moeder-weten.

Het tweede wonder

Het kiezen voor kinderen is door het ego ingegeven. Jij wilt een kind als verlengstuk van jezelf. Bewust of onbewust. Het ego speelt een belangrijke rol hier (eigenlijk op alle vlakken waar het verschijnt). Hier zorgt het voor het voortbestaan van het menselijke ras. Daarbij krijg je een gratis spiegel aangeboden, helemaal alleen voor jezelf, maar die bonus heb je niet meteen in de gaten. Jouw kind neemt wat je geeft en dat geeft hij weer terug. Instant en op lange termijn. Dus als moeder heb je twee keer plezier van een egocentrische keuze. Je bent kortstondig blij en trots – wat zal de buitenwereld wel niet van me vinden – ik ben moeder!? En je kunt heel wat te weten komen over jezelf. Privé therapie van de bovenste plank.

Iedere bewuste of onbewuste keuze heeft gevolgen en schept verplichtingen. In dit geval verplichtingen naar het kind toe. Naar het kind dat je niet ´hebt´. Het heeft jou. En jij verplicht je vanaf het moment dat de baby licht ziet, om onvoorwaardelijk alle tools mee te geven die het kind nodig heeft om zijn eigen leven vorm te geven. Vanuit het moeder-weten. Vanuit die diepere laag. Daar weet je ook dat ieder kind iets anders nodig heeft. Kinderen over één kam scheren? Daarmee doe je altijd één tekort.

Dan komt de fase van volwassen worden, de puberteit. Hier verandert je verplichting. De tools heb je gegeven, het gebruik ervan uitgelegd en samen heb je geoefend. Je verplichting is vanaf nu onvoorwaardelijk afstand nemen, observeren en vertrouwen. Zo krijgt de opgroeiende mens alle ruimte om zich te ontplooien tot een eigen mens. Met wat er in zijn aard en genen zit en met wat hij heeft meegekregen schept het, creëert het zijn persoonlijkheid.

Het derde wonder

Het moeder-weten heeft zijn werk gedaan. Na veel vallen en opstaan, links- en rechtsaf gaan en soms rechtdoor, na veel onderzoek en ladingen blauwe plekken weet het volwassen kind nu ook. Het moeder-weten is getransformeerd in het moeder-volwassenkind-weten. En dat maakt werkwoorden als houden van of liefhebben overbodig en inhoudloos. Het is niet iets wat je doet. Het is, of je wilt of niet. Die ervaring kenmerkt het begin van een nieuwe fase in je leven. Vrij van verplichtingen. De tijd is aangebroken om keuzes te maken die jouw verdere ontwikkeling ten goede komen. Van het moeder-weten naar het moeder-volwassenkind-weten door naar het grote weten. En dat is misschien wel het derde wonder.

Mijn Foto op Dinsdag #PHOT naar een idee van Karin Ramaker.

De Kalverstraat in Portalegre

Rua 5 de Outubro, Portalegre

Het is einde ochtend woensdag 21 december als ik deze foto maak. In DE winkelstraat van Portalegre. De Rua 5 de Outubro. Onderweg naar Portalegre rijdend door de Serra de São Mamede werd op de radio verteld dat de omzetcijfers van de middenstand weer het peil hebben bereikt van vóór de crisis. Het gaat goed met Portugal. Volgens de media. Niet volgens de middenstanders in deze ooit zo drukke winkelstraat.

Ik was onderweg naar de boekhandel die me een berichtje had gestuurd dat mijn bestelde boek binnen was. Het drong niet meteen tot me door over welk boek het ging tot ik me herinnerde dat ik eind september inderdaad daar was geweest om een yogaboek in de Portugese taal te kopen om vaktechnische woorden te leren. Dat was niet op voorraad. De eigenaresse van de winkel raadde me aan ter plekke bij haar achter de toonbank via internet te kijken welk boek ik bedoelde dan zou zij het voor mij bestellen. Ik kan je vertellen dat het uitzoeken van zo’n boek veel tijd kan kosten en ik van de kaft niet kan zien of het goed is. Vertrouwen, dacht ik en wees een titel aan. Autoperfeição com Hatha Yoga. Auteur Hermógenes. Dat leek me wel wat.


Mijn gedachten waren al verder want mijn lesserie was van start gegaan en op internet zijn vele yoga-sites Braziliaans. Daar gebruiken ze tóch andere woorden of hebben Portugese woorden een andere betekenis. Dus hoe los ik dat op? Gelukkig heb ik geen gebrek aan zelfvertrouwen en ook geen gêne om grammaticale fouten te maken in een vreemde taal. Dat zijn twee goede hulpen bij het slechten van die drempel tot communicatie. 


Toen ik de winkel uitliep riep ze me na dat het er vóór Kerstmis zou zijn. Dat is goed, zei ik nog. Ik dacht eigenlijk dat ze een grap maakte. Niets was minder waar.

Maar daar wil ik het eigenlijk niet over hebben. Er speelt al vanaf het moment dat ik naar Portalegre reed een aantal vragen door mijn hoofd.

Wat is het dat mensen bindt aan het land waar ze geboren en getogen zijn en waar de kwaliteit van leven drastisch aan het veranderen is?

Ik kan me voorstellen dat een vaste baan met dito inkomen een factor van binding kan zijn. En daar houdt het bij mij op. Ben je financieel onafhankelijk, dan zou de keuze om te vertrekken niet zo moeilijk hoeven zijn. Maar ja, dan ben je meestal ouder en dan – dat merk ik bij vrienden – is de eerste vraag: maar hoe staat het daar met de gezondheidszorg? Dan moet ik eerlijk antwoorden dat ik dat uit persoonlijke ondervinding niet weet. Wel uit de verhalen van vrienden hier en dan blijkt dat de zorg hier niet slechter is dan in Nederland. De volgende is: mis je dan niet je kinderen, kleinkinderen, de rest van de familie en je vrienden? Daar kan ik kort over zijn: ja, die mis ik.

En mis je dan niet de cultuur, de concerten, de musea, de openingen, het toneel? Dat is nou zo vreemd hè, dat ik al die dingen helemaal niet mis.

Op weg naar Portalegre had ik tot drie maal toe de neiging om te stoppen. In de berm. Gewoon om te kijken naar de schoonheid van het landschap.

Het is zo indrukwekkend mooi dat mijn ogen de schoonheid van dit openluchtmuseum niet in een keer kunnen bevatten. Iedere keer opnieuw val ik stil. Ook als ik ‘s ochtends opsta en naar buiten kijk. Het is dat ik weet dat ik wakker ben anders zou ik zweren dat ik in een droom rondloop.

Het weggetje naar ons huis

Het gaat dus niet over de Koninklijke Schouwburg in Den Haag of het Concertgebouw in Amsterdam. Het winkelcentrum in Mariahoeve en die Albert Heijn daar. Het is niet het Gemeentemuseum of het Rijks. Nee, niets van dat alles.

Dat zijn allemaal externe zaken waar de mens aan hecht. Dat maakt zijn leven veilig. Dat maakt zijn leven zeker. Dat sust de diepliggende angst voor het onbekende en de dood in slaap. Ik ben zo dankbaar dat die angst mij niet de baas is. Mijn leven is veilig waar ik ook ben, omdat ik me veilig voel in mezelf. Het leven heeft geen zekerheden. Ze bestaan niet. Schone schijn meer is het niet. Die aanname liet ik al varen toen ik zes was. Kijk maar even om je heen. Zie jij wat er in de straat gebeurt achter je huis? Je denkt dat iedereen daar rustig voor de buis hangt maar weten doe je het niet.

De afbrokkelende welvaartsmaatschappij zet een mens muurvast. Over kunst gesproken. (Wolf Vostell, Los Barruecos, Malpartida de Cáceres)

Mijn enige zekerheid ben ik zelf. Ik ben hier. Bij mij. Sinds ik dat weet groeit mijn hart en daar zit mijn hele familie in. Zó leef ik mijn leven. Met een groot hart.

Trouwens dat boek van Hermógenes is een van de betere yogaboeken die ik de laatste jaren onder ogen heb gehad en dan moet je weten dat de auteur toch een Braziliaan is …

 

 

 

 

Aromas do Valado

[:nl]

Lucia en ik in de destilleerderij.

Lucia en ik in de destilleerderij.

Uma Oficina de Destilação de Plantas Autóctones – een workshop “destilleren van inheemse planten”; daar werd ik voor uitgenodigd door mijn Nederlandse vriendin Lucia Beijlsmit. Zij woont aan de andere kant van de grens. In Spanje, in het dorpje Salorino. Ik zei meteen ja. Essentiële oliën hebben mijn bijzondere interesse vanwege de puurheid, de heerlijke geuren en niet in de laatste plaats om hun medicinale werking. Ook het idee dat het hier ging om het destilleren van INHEEMSE planten, sprak me aan. Bij het inschrijven via de website zag ik dat het een Portugees bedrijf is – ik had in mijn achterhoofd het vooroordeel dat de initiatiefnemers buitenlanders waren – werd ik helemaal blij. Alentejo – het gewest waar ik woon dat groter is dan Nederland met circa een miljoen inwoners – heeft zoveel te bieden en weinig initiatief. Dat is geen verwijt aan de Portugezen, wel aan de ingewikkelde regelgeving voor het opstarten van bedrijven. Veel start-ups sterven een vroege dood omdat de adem niet lang genoeg is. Ik ben vijf jaar weggeweest en zie dat Alentejo is “gegroeid”.

Quinta Aromas do Valado

Quinta Aromas do Valado

Quinta Aromas do Valado ligt in de buurt van Idanha-a-Nova, iets buiten Segura, het grensstadje met Spanje. Midden op de Romeinse brug over de Rio Erges – die zich een stuk zuidelijker bij de Taag voegt – prijkt een mooi bord dat de grens aangeeft. Het is acht uur in de ochtend als Lucia en ik na een tocht van een uur door het steeds wisselende landschap van dit deel van de Extremadura, aankomen. We zijn via Spanje gereden omdat vanuit ons de verbindingswegen beter zijn dan via Portugal. Heuvelachtige vlakten die op steppen lijken met verblindende vergezichten en een nauwelijks aangeraakt, ruw, bergachtig gebied. Eenmaal bij Segura zitten we in het Geopark do Tejo Internacional.


Mijn verwachtingen zijn niet hooggespannen. Ik zie wel wat er komt. De aankondiging dat we zelf planten gaan zoeken en deze zelf gaan destilleren leek me al mooi genoeg. We waren niet de eersten.

O senhor António ontvangt ons, samen met zijn vrouw Helena. In hun boerderij die op een heuvel ligt. Met koffie en bolachas (koek). We maken kennis met de andere zeven deelnemers. Drie mannen en vier vrouwen waarvan twee uit Galicië, Spanje. Zij waren gisteren na een rit van vijf uur al aangekomen. De voertaal is Portugees en Spaans en soms in de grenstaal Portiñol, een mengelmoes van de twee.

Er worden trouwens ook workshops in het Engels gegeven.

Na uitleg over wat er vandaag gaat gebeuren lopen we de heuvel af naar de destilleerderij met daarnaast het gebouw waar het laboratorium is, de kantoren, de winkel en een grote zaal. We krijgen werkhandschoenen, een snoeischaar en een grote emmer. Met twee pick-ups rijden we naar een stuk grond waar ons wordt uitgelegd wat te snoeien. We gaan voor de Estevacistus ladanifer ook wel cistusroos genoemd in Nederland.

Esteva

Esteva – cistos ladanifer

Deze heester groeit overal waar het bergachtig is. Donkergroen blad en prachtige witte bloemen. Ze plakken een beetje. Alsof er hars aan zit. Na een uurtje snoeien van de jonge scheuten, uitleg, elkaar verhalen vertellen, vogels spotten die luid fluitend boven onze hoofden in de eucalyptusbomen af- en aanvliegen, hebben we alle emmers gevuld tot aan de rand.

We rijden terug naar de destilleerderij. Daar wordt de oogst gewogen en in delen in een vat gedaan, en iedere keer aangestampt. António doet dat zelf. Alsof hij druiven stampt voor de wijnmakerij.

Antonio dancing on the harvest.

Antonio dancing on the harvest.

Tot in detail wordt ons stap voor stap het destillatieproces uitgelegd terwijl we toekijken. We moeten wachten. De juiste temperatuur, de stoom en uiteindelijk zien we de gecondenseerde druppels in een glazen fles glijden. Tijd voor de almoço – lunch.

Time for Almoço - Lunch

Time for Almoço – Lunch

Dat wat het leven zo mooi maakt hier. Twee uur lang zitten we aan een grote, mooi gedekte tafel. Iemand heeft uit de streek waar hij vandaan komt vinho verde meegenomen. Er is ijsthee gemaakt van zelfgedroogd blad van de cistus en andere planten. De driegangenmaaltijd overtreft ieder restaurant in de omgeving. De deelnemers hebben het hart op de tong. Iedereen vertelt, deelt ervaringen en meningen over Portugese politiek, over de toestand in Angola en over wat ze doen in het dagelijks leven. Het is een bont gezelschap.

The enormous hall

The enormous hall

In de middag krijgen we les in het grote lokaal. Over hoe een business in aroma’s op te zetten. Hoeveel land je nodig hebt om een bedrijf rendabel te maken. Wat de investeringen zijn en nog veel meer cijfers vervat in Excell sheets. António is open over de bedrijfsvoering. Dat is de filosofie van het bedrijf. Kennis delen en wensen dat anderen ook zulke initiatieven ontwikkelen zodat zij elkaar kunnen versterken. En je kunt natuurlijk ook zelf een kleine destilleerderij doen voor eigen gebruik.

Tegen zessen stopt de informatiestroom. We krijgen allemaal een diploma uitgereikt, een flesje essentiële olie en bloemenwater gemaakt van onze zelf geplukte en gedestilleerde esteva. Gepersonaliseerd. Mijn naam prijkt op de etiketten.

Voordat we teruglopen de heuvel op naar het huis, brengen we een bezoek aan het laboratorium en de winkel.

Ze maken trouwens ook prachtige zepen en veel meer.

Ik spreek kort met Helena over cosmetica. Zij heeft een boeiende theorie. Hun zeep van olijfolie en bloemenwater van esteva is het enige dat zij gebruikt voor haar gezichtshuid. Geen crèmes of ander vergif. Haar huid spreekt boekdelen. Dat neem ik mee naar huis en trek de stoute schoenen aan. Ik doe het. Was mijn gezicht met die prachtige zeep en gebruik daarna de lotion. Al een week nu. Het is een wonder.

The amazing soap

The amazing soap

Zodra ons huis klaar is en ik helemaal ben gesetteld (dat zal wel half juli worden) heb ik het plan een cursus aromatherapie te gaan doen bij Helena.

Ik ben in de ban van de geuren en de verzachtende omhulling van de natuur. Ik fantaseer nu al over een veld esteva op onze eigen boerderij en een kleine destilleerderij. Tijd … is mijn beste vriend.

[:en]

Lucia en ik in de destilleerderij.

Liesbeth and Lucia in the distillery.

Uma Oficina de Destilação de Plantas Autóctones – a workshop “distillation of native plants”, that is what my Dutch friend Lucia Beijlsmit invited me to. She lives on the other side of the border. In Spain. In the village Salorino. I said yes right away. Essential oils have my special interest because of the purity, the delicious fragrances and not in the least because of their medical benefits. The idea of distilling NATIVE plants, also appealed to me. When subscribing via the website I was pleasantly surprised that it concerned a Portuguese company. In the back of my head I had the prejudice of the initiators being foreigners. Alentejo – the region where I live – is larger than Holland and has about one million inhabitants. It has so much to offer and so few initiatives. I am not reproaching the Portuguese people and yes I am reproaching the complex regulations for initiating a business. Start-ups seem to die an early death because of lack of endurance or deep breath. I have been away from here during five years and now I can see that Alentejo “grew”.

Quinta Aromas do Valado

Quinta Aromas do Valado

Quinta Aromas do Valado is situated near Idanha-a-Nova, just outside of Segura, a border town with Spain. In the middle of the Roman bridge over the Rio Erges – joining the Tejo more southwards – a nice elaborated sign indicates the frontier. It is eight o’clock in the morning when Lucia and I arrive after a trip of an hour through the constantly changing landscape of this part of Extremadura. We drove via Spain because of a better road connection for us than Portugal could provide. Undulating plains resembling the steppes with glary horizons and a hardly touched, rough mountainous region. Once in Segura we find ourselves in the Geopark do Tejo Internacional.


I don’t have high expectations. Will see what comes my way. The announcement that we were to search for plants ourselves and distilling our own harvest seemed to me great enough. We were not the first to arrive.

 

O senhor António and his wife Helena receive us. In their farm situated on a hill. With coffee and bolachas (cookies). We introduce ourselves to the other seven participants. Three man and four women of whom two from Galicia, Spain. They had arrived the day before after a five hours drive. The language of communication is Portuguese and Spanish and sometimes the dialect of the border: Portiñol which is a mix of the two.

By the way, they do have workshops where English is spoken.

After explanation of the program we walk down the hill to the distillery with next to it the building where the laboratories, offices and shop can be found and a large hall. We are given working gloves, pruning shears and an oversized bucket. With two pick-up trucks we are being driven to a piece of land where we receive an explanation of what to prune. We concentrate on Estevacistus ladanifer.

Esteva

Esteva – cistus ladanifer

This plant grows everywhere in the hilly regions. Dark green leaves with beautiful white flowers. They do stick a little. I bit like resin. After an hour or so of pruning the younger shoots, explanations, telling stories, spotting loudly singing birds flying on and off above our heads in the eucalyptus trees we have filled all the buckets up to the edges.

We drive back to the distillery. There the harvest is being weighed and put into a container. In parts. António himself dances in the barrel to press all the leaves down like they were grapes.

Antonio dancing on the harvest.

Antonio dancing on the harvest.

While watching it happening, we receive a step by step detailed lesson in the distilling process. We have to wait. The right temperature, the vapour and finally we see the condensed drops gliding into a glass bottle. Time for almoço – lunch.

Time for Almoço - Lunch

Time for Almoço – Lunch

One of the things that make life over here so pleasurable. During two hours we sit at a long, nicely laid table. Someone brought from the region he comes from vinho verde. There is ice tea made of home dried leaves of different native plants. The quality of the three-course meal exceeds every restaurant in the neighbourhood. The participants wear the heart on the sleeve. Everybody tells, shares experiences and opinions about Portuguese politics, about the situation in Angola and about what they do in daily life. It is a lovely and colourful company.

The enormous hall

The enormous hall

In the afternoon we are being taught in the large hall. About how to start a business in aromas. How much land you would need to make a company profitable. What investments have to be done and much more, all summed up in Excell sheets. António is open about the business practices. After all it is the philosophy of the company. Share knowledge and wishing that others would also develop such initiatives in order to reinforce each other. And it goes without saying that you can also set up a small home distillery for your own use.

By six o’clock in the afternoon the stream of information stops. We all receive a diploma; a bottle with essential oil and flower tonic made of our self-pruned and distilled esteva. Personalized. My name shows on the label.

Before climbing the hill back to the house, we visit the laboratory and the shop. Besides all I told so far they also produce beautiful soaps and more.

The amazing soap

The amazing soap

I have a quick chat with Helena about cosmetics. She has an interesting theory. Their soap of olive oil and the floral tonic of esteva are the only things she uses for her skin. No crèmes or other poison. Her beautiful skin shows for it. I take those products home and the bold step to try it. I carefully wash my face with the soft soap en then use the tonic. Every day. A week has passed. It seems a wonder.

As soon as our house is ready to live in and I am settled again (around half of July) I have the intention to follow a workshop aromatherapy with Helena.

I am captivated by the fragrances and the softening encapsulation of nature. I started imagining a field full of esteva at our own quinta and a small distillery.

Well … time is my best friend.

[:]

Page 1 of 4

Powered by WordPress & Theme by Anders Norén

%d bloggers like this: